← Terug naar Lebbeke
Welzijn & Sociale Zaken · Gemeente-rapport Lebbeke · v1.0

Vergrijzing en lagere inkomens drukken vooral op de hoofdkern Lebbeke

Onderzoeksvraag
Waar concentreert sociaal-economische kwetsbaarheid zich in Lebbeke — en welke buurten verdienen prioritaire aandacht in het lokaal sociaal beleid?
Onderzoeksperiode: Census 2021 · Gegenereerd: mei 2026
SAMENVATTING het antwoord, voor wie alleen dit leest

De sociaal-economische druk in Lebbeke concentreert zich duidelijk in de hoofdkern. Kazernekens (robuust, 1.570 inw) en de sector Lebbeke-Centrum (robuust, 1.877 inw) combineren een mediaaninkomen 13-17% onder Vlaams gemiddelde (Statbel 2023) met een hoog aandeel 65-plussers (Census 2021). Ook Hof ter Hert (robuust) en Royen in Wieze (robuust) springen eruit door sterke vergrijzing. Denderbelle scoort globaal het laagst. Deze buurten verdienen prioriteit in het Lokaal Sociaal Beleidsplan 2025-2030.

Waarom dit onderzoek?

In het meerjarenplan 2026-2031 voorziet Lebbeke een stijging van de sociale-bijstandsuitgaven met 56% (van €92 naar €144 per inwoner) — een gevolg van de beperking van werkloosheidsuitkeringen in de tijd. Tegelijk stijgen de personeelskosten met 18% en blijft zorg en opvang met €631 per inwoner de grootste uitgavepost. De ruimte om die druk te verzachten is dus klein. Elke ingezette euro moet raak vallen.

Dit rapport ondersteunt de dienst Welzijn & Sociale Zaken en het OCMW bij het scherpstellen van het Lokaal Sociaal Beleidsplan. Door kwetsbaarheid op buurtniveau in kaart te brengen — niet op gemeenteniveau — wordt zichtbaar waar mobiele dienstverlening, dichtbij-zorg of buurtinitiatieven het meeste effect zouden hebben.

Data & methode

Welke data, uit welk jaar?

Variabele Bron Meetjaar Update-cadans
Bevolkingsaantallen Rijksregister via Statbel 2025 jaarlijks
Leeftijdsverdeling (65+%) Statbel Census 2021 10-jaarlijks op sectorniveau
Huishoudensgrootte Statbel Census 2021 10-jaarlijks op sectorniveau
Mediaaninkomen Statbel Fiscale statistiek 2023 jaarlijks (~18 mnd vertraging)
Vlaams referentie-gemiddelde Aggregaat alle Vlaamse sectoren zelfde bronnen volgt bron-updates

Waarom Census 2021 voor leeftijd en huishoudens — en wat dat betekent? Statbel doet alleen om de 10 jaar een volledige Census met sub-gemeentelijke uitsplitsing — de volgende komt in 2031. Tussendoor publiceert Statbel jaarlijkse Rijksregister-cijfers, maar enkel op gemeenteniveau. Voor een vergelijking tussen Lebbeke-centrum, Wieze en Denderbelle blijven we dus aangewezen op Census 2021. Bevolkingsaantallen en inkomens worden wél jaarlijks geactualiseerd. Belangrijk gevolg: de leeftijds- en huishoudensprofielen zijn een momentopname van 2021. Tegen vandaag kan het aandeel 65-plussers verder zijn opgeschoven — dit rapport toont dus de stand van 2021, niet noodzakelijk de actuele situatie, en kan geen evolutie of trend aantonen.

Hoe meten we kwetsbaarheid?

Een statistische sector is de kleinste eenheid waarvoor Statbel cijfers publiceert — typisch zo'n 300 tot 500 huishoudens, vergelijkbaar met een straat of kleine buurt. Lebbeke telt 22 sectoren verdeeld over de drie kernen.

Per sector berekenen we een kwetsbaarheidsscore van 0 tot 100 op basis van drie meetlatten, telkens vergeleken met het Vlaams gemiddelde:

Een score van 0 betekent niet kwetsbaarder dan het Vlaams gemiddelde — niet dat alles in orde is. Een score van 100 betekent sterk afwijkend in de kwetsbare richting op alle drie de assen. De score is een vergelijkingspositie, geen armoede-telling.

Lees een hoge score juist — zeker bij vergrijzing. De vergrijzingscomponent meet zorg- en aandachtsvraag, niet armoede. Een buurt kan hoog scoren door een groot aandeel 65-plussers die nochtans vermogend en zelfredzaam zijn. Een hoge score betekent dus "verdient aandacht en zorgafstemming", niet automatisch "arme buurt". Kijk bij elke aandachtsbuurt naar wélke component de score drijft (inkomen, vergrijzing of kleine huishoudens) voor je er beleid op afstemt — anders dreigt een welgestelde-maar-oude buurt verkeerd ingeschat te worden.

Hoe gaan we om met kleine sectoren?

'Betrouwbaarheid' gaat over beleidsgewicht — hoeveel inwoners een bevinding raakt — en hangt enkel af van de populatie. Statistische sectoren met heel weinig inwoners zijn gevoelig voor toeval: één bewoner extra kan de score met tientallen punten doen schuiven. Daarom classificeren we elke sector als robuust (≥300 inwoners — gebruikt in conclusies), indicatief (100–299 inwoners — trend mag, geen harde uitspraak), of fragiel (<100 inwoners — apart behandeld, niet meegerekend in conclusies). Deze drempels zijn dezelfde in al onze Lebbeke-rapporten, zodat een buurt nooit in het ene rapport robuust is en in het andere niet.

Los daarvan staat de data-volledigheid van de score: voor sommige buurten ontbreekt één van de drie componenten (meestal het inkomen). Zo'n score rust dan op 2 van de 3 assen. We degraderen die buurt niet — het beleidsgewicht blijft gelijk — maar we melden het voorbehoud erbij ("score op 2/3").

Resultaten

Sectoren onderzocht
22
20 robuust · 1 indicatief · 1 fragiel
Bevolking (2025)
20.295
Gem. score (robuust)
14,6 / 100
alleen sectoren ≥300 inw
Vlaamse referentie
€34.526 · 20,6% 65+
inkomen 2023 · 65+ Census 2021

5.1 Drie kernen vergeleken

Gemiddelden zijn berekend over robuuste sectoren (≥300 inwoners). Kleinere sectoren staan apart in §7.

Lebbeke

15.366 inw
15,6 / 100 gemiddeld
op basis van 15 van 15 sectoren
Inkomensafstand 11,4
Vergrijzing 30,7
Kleine huishoudens 8,9
Hoogste robuuste sector: HOF TER HERT ( 48,1, 371 inw)

Wieze

2.792 inw
14,3 / 100 gemiddeld
op basis van 3 van 3 sectoren
Inkomensafstand 5,0
Vergrijzing 37,4
Kleine huishoudens 3,7
Hoogste robuuste sector: ROYEN ( 38,9, 468 inw)

Denderbelle

2.137 inw
7,4 / 100 gemiddeld
op basis van 2 van 4 sectoren (1 indicatief, 1 fragiel)
Inkomensafstand 4,1
Vergrijzing 19,1
Kleine huishoudens 0,0
Hoogste robuuste sector: DRIES - FONTEINTJE ( 11,5, 688 inw)

5.2 Kaart per sector

Kleur volgens kwetsbaarheidsscore. Klik een sector voor componenten + betrouwbaarheid.

Klik een sector op de kaart voor de details.

5.3 Top-5 aandachtsbuurten

Sectoren met de hoogste kwetsbaarheidsscore — gefilterd op statistische betrouwbaarheid. Fragiele sectoren in §7.

Sector Kern Betrouw. Inw. (2025) Inkomen (2023) 65+% (2021) Hh-grootte Score
HOF TER HERT
42011A052
Lebbeke Robuust 371 € 29.797 36,2% 2,11 48,1
KAZERNEKENS
42011A021
Lebbeke Robuust 1.570 € 28.532 30,2% 2,26 44,1
ROYEN
42011B01-
Wieze Robuust 468 € 31.936 30,4% 2,21 38,9
LEBBEKE-CENTRUM
42011A001
Lebbeke Robuust 1.877 € 30.142 25,2% 1,96 36,8
STATIONSWIJK
42011A011
Lebbeke Robuust 693 € 28.282 15,1% 2,09 22,3
ANALYSE

Wat zegt de data?

Lebbeke scoort als gemeente gemiddeld 15,4 op de kwetsbaarheidsindex (alleen robuuste sectoren, schaal 0-100) — een gematigd profiel. De zwaarste component is vergrijzing: in meerdere buurten ligt het aandeel 65-plussers (Census 2021) ruim boven het Vlaams gemiddelde van 20,6%. Daarnaast ligt het mediaaninkomen (Statbel 2023) in verschillende centrumbuurten 10-17% onder het Vlaamse niveau van €34.526. Kleine huishoudens spelen vooral in één buurt een rol. Omdat de leeftijds- en huishoudensdata uit 2021 stammen, gaat het om een momentopname; het 65+-aandeel kan intussen verder zijn opgeschoven.

De drie kernen verschillen sterk. De kern Lebbeke (14 robuuste sectoren, 15.366 inw) heeft de hoogste gemiddelde score (16,8) en bevat ook de meest kwetsbare buurten. Wieze (3 robuuste sectoren, 2.792 inw) komt uit op gemiddeld 14,3, maar dat cijfer wordt sterk gekleurd door één buurt: Wieze-Kern (robuust) en Pasbeek-Hanaarden (robuust) scoren laag, terwijl Royen (robuust) eruit springt. Denderbelle steunt slechts op 2 robuuste sectoren (Denderbelle-Kern en Dries-Fonteintje, samen 1.900 inw) met een gemiddelde van 7,4 — het laagst van de drie, al is de basis voor die uitspraak smaller.

Vier robuuste sectoren verdienen prioritaire aandacht. Hof ter Hert (robuust, 371 inw, score 48,1) combineert het hoogste 65+-aandeel van de gemeente (36,2%, Census 2021) met een inkomen van €29.797. Kazernekens (robuust, 1.570 inw, score 44,1) weegt zwaarder door zijn omvang: 30,2% 65-plussers én een mediaaninkomen 17% onder Vlaams. Royen (robuust, 468 inw, score 38,9) in Wieze toont een vergelijkbaar vergrijzingsprofiel. De sector Lebbeke-Centrum (robuust, 1.877 inw, score 36,8) valt op door de kleinste huishoudens (1,96) — een plausibele verklaring is een hogere concentratie alleenwonenden, maar dat vraagt bevestiging.

§7 KANTTEKENING

Sectoren met te kleine populatie

De sector Broek in Denderbelle haalt rekenkundig een zeer hoge score (87,5), maar telt slechts 16 inwoners. Eén bewoner extra of minder verschuift de cijfers fors, en het inkomensdeel ontbreekt. Zulke uitkomsten zijn statistisch volatiel en kunnen niet als beleidssignaal dienen. Dat betekent niet dat we deze gehuchten negeren — ze vereisen alleen andere methodes, zoals terreinkennis van wijkwerkers of OCMW-casedata. Voor robuuste uitspraken kijken we naar buurten met ten minste enkele honderden inwoners.

Lebbeke telt 1 sector met <100 inwoners:
  • BROEK (Denderbelle, 42011C09-) — 16 inwoners (2025), score 87,5. niet voor beleidsconclusies
§8 VOOR HET BELEID

Aandachtspunten voor het Lokaal Sociaal Beleidsplan

§9 Beperkingen — wat dit rapport niet zegt
  • Geen absolute armoede-meting. De score is een vergelijkingspositie t.o.v. Vlaanderen, niet een telling van mensen in armoede.
  • Geen individuele uitspraak. Cijfers zijn geaggregeerd op buurtniveau (300-500 huishoudens). Een hoge score betekent niet dat élke bewoner kwetsbaar is.
  • Geen werkloosheid of kansarmoede-index. Die data zit nog niet in dit platform. Voor het Lokaal Sociaal Beleidsplan moeten ook Kind & Gezin-indicatoren en VDAB-cijfers naast dit rapport gelegd worden.
  • Kleine huishoudens ≠ alleenwonen. De gemiddelde huishoudgrootte is een proxy. Een sector met veel jonge stellen zonder kinderen scoort ook hoog op deze component.
  • Data-vintage-verschillen. Bevolkingsdata is van 2025, leeftijds- en huishoudensdata van Census 2021, inkomen van 2023. Tussen meetjaren kunnen kleinere verschuivingen zijn gebeurd.
  • Aliassen. Voor sommige kleine sectoren komen de cijfers van een bovenliggende sector-code. Dat staat aangegeven op de buurt-pagina.

Heeft uw dienst een eigen vraag?

Wij onderzoeken het, met echte data, en publiceren het antwoord. Bijvoorbeeld: "Waar zouden we prioritair een extra dienstverleningspunt kunnen openen?" of "In welke buurten woont de hoogste concentratie alleenwonende 75+'ers?"

Stuur ons uw vraag →

Voor Lebbeke is dit rapport gratis als showcase. We beantwoorden ook één gratis maatwerkvraag per kwartaal.

Bronnen & rapport-metadata

Data-bronnen
Statbel Census 2021 (leeftijd, huishoudens)
Statbel Fiscale statistiek 2023 (inkomen)
Rijksregister 2025 (bevolking)
Statbel statistische sectoren-geometrie
Methodologie
BuurtData kwetsbaarheidsindex v1.0
3 componenten, gewogen 40/30/30
Composiet 0-100 t.o.v. Vlaams gem.
Rapport-versie
Analyse gegenereerd: 28/5/2026
Geldig tot eerstvolgende data-update
Verantwoording
Cijfers worden automatisch ververst wanneer Statbel nieuwe data publiceert.
Vragen? info@buurtdata.be